Recensies TF: Tourniquet; Haar leven, haar doden; Missie

Parool,recensies — simber op 9 september 2008 om 00:43 uur
tags: , , ,

Een meisje met blote borsten, bovenaan de trap in theater Bellevue. Naast haar een oudere jongere die flyers uitdeelt voor een voorstelling in het Fringe Festival. “Durft u te komen?”, roept hij het tussen lichte gêne en onverschilligheid twijfelende TF-publiek toe, dat staat te wachten op de Tourniquet. Het is te hopen dat ze met z’n tweeën die voorstelling nog even hebben gezien, ze zouden nog wat kunnen leren over choqueren en ongemak.

Het Theaterfestival TF biedt het beste van het Nederlandstalige theater in het hoofdprogramma en daarnaast een rommelig, maar vrolijk chaotisch randprogramma waar iedereeen zich voor kan inschrijven. De jury die het hoofdprogramma samenstelde maakte een eigenzinnige keuze uit het aanbod van het afgelopen seizoen en zo zijn enkele voorstellingen die niet of nog maar beperkt in Amsterdam speelden toch nog te zien.

Tourniquet van de Vlaamse groep Abattoir Fermé is er daar een van. Een blote vrouw in bad en twee blote mannen die een houten plank op een hoge pin en een wieltjesconstructie ronddraaien. Met haar onheilszwangere beelden van mannen in slagerskostuums met slijptollen, de blote vrouw aan het kruis, en op martelingen geïnspireerde rituelen lijkt de voorstelling een oefening in het oproepen ongemakkelijkheid. De soundtrack met pompeuze synthesizerklanken en stemmen van duivelsuitdrijvers doet er nog een schepje bovenop.

Het is nogal katholiek theater, in de zin dat de makers erop vertrouwen dat uitgekauwde en lege rituelen toch effect hebben, terwijl de voorstelling als geheel toch vooral wil laten zien dat mensen die het kwaad willen uitdrijven daarvoor altijd nog groter kwaad begaan.

Veel minder eenduidig is de locatievoorstelling Haar leven, haar doden. De Amsterdamse theaterliefhebber moest er echter wel voor naar Leiden, alwaar De Veenfabriek het stuk van de Engelse schrijver Martin Crimp situeerde in een filiaal van de V&D. In losse scènes schetsen de jonge acteurs en muzikanten het levensverhaal van Anna, van pornoster tot terroriste. Of van communevrouw tot alcoholistische moeder. De raadselachtige fragmenten wensen geen afgerond geheel te worden.

Dat is ook niet nodig, het gaat om de rondwandeling door de winkel en de ruimtes achter. De tekst over consumentisme en de mediamaatschappij schuurt aangenaam met de goedkope burgerlijkheid van de V&D. Dat werkt het mooist als we vanaf de parfumafdeling door een deur naar de ‘coulissen’ van het warenhuis geleid worden. De overgang van de toch al niet vlekkeloze façade naar de achterliggende krochten is subliem. En dan volgt nog een mooie scène bij de roltrappen, waar afdalende klanten een plotselinge en ongewenste opkomst maken op de toneelscène. De omroepberichten over sluitingstijd mengen zich moeiteloos met de laconieke liedjes van Roald van Oosten.

Nog helemaal niet te zien in Amsterdam was Missie van de Koninklijke Vlaamse Schouwburg uit Brussel, het verhaal van een Witte Pater op zending in de Congo. Als je tegenwoordig in België wordt gevraagd om te spreken krijg je zeven minuten, klaagt hij; ach goed, tien, omdat je pater bent. En vervolgens vertelt acteur Bruno Vanden Broecke in zijn eentje in een allereenvoudigste setting vanachter een katheder twee uur lang het verhaal van een kleine man met een grote volharding en een pragmatisch geloof.

Schrijver David Van Reybrouck stelde zich buitengewoon dienstbaar op ten opzichte van zijn documentaire basismateriaal en dat levert en buitengewoon genuanceerd en levensecht beeld op van de missionaris als leraar, arts, wegenbouwer, voetbalcoach en liturgisch doe-het-zelver. En met zijn ouderwets klinkende Vlaams en de bijzondere toeëigening van zijn personage levert Vanden Broecke een fenomenale acteerprestatie. Minimaal theater, maar buitengewoon krachtig, en met een onverwacht theatrale uitsmijter.

Tourniquet van Abattoir Fermé. Gezien 4/9 in Bellevue; Haar leven, Haar doden van de Veenfabriek. Gezien 5/9 in de V&D in Leiden; Missie van de KVS. Gezien 8/9 in de Stadsschouwburg. Meer info op www.tf.nl

Recensies Over het IJ

Parool,recensies — simber op 7 juli 2008 om 22:57 uur
tags: , ,

Wonen in het hart van Noord, met uitzicht over het IJ, het nieuwe Filmmuseum voor de deur en een metrohalte om de hoek belooft de optimistische diashow in het troosteloze bezoekerscentrum van Overhoeks. Over een paar jaar is op het Shellterrein vlakbij de aanlegsteiger van de pont in Noord een nieuwe woonwijk verrezen, maar dit jaar is het nog een dependance voor het Over het IJ festival.

Vanaf deze plek vertrek je bijvoorbeeld naar de voorstelling Keerpunt op het Centraal Station. Begeleid door meisjes in NS-uniforms en met een koptelefoon met electronische klanken op nemen we de pont. In de westtunnel duiken voor het eerst een paar figuren op die niet helemaal in de omgeving lijken te passen.

Mooiste deel van de voorstelling speelt op spoor 13, waar de internationale treinen stoppen. Een meisje rend rond met een bos bloemen in haar hand, een oude man blijkt een jongetje in zijn rolkoffer mee te dragen, vijf stationsconducteurs lopen koddig rond, een stelletje maakt achterstevoren bewegend ruzie en komt weer bij elkaar, een operazangeres  staat hoog in een seinhuisje. Vanaf het tegenoverliggende perron sla je het gade en worden de hogelijk verbaasde echte reizigers onderdeel van de act.

Het is jammer dat de verbeelding van de makers –Elien van den Hoek, Kim Arntzen en een groot aantal acteurs- nogal beperkt blijft tot bij een station horende thema’s van afscheid en ontmoeting. De minimalistische ingrepen zijn bijna te subtiel: het enorme canvas dat Centraal Station is vraagt om grotere gebaren. (Ik moest denken aan de act van een Amerikaanse theatergroep waarbij ruim 200 ‘spelers’ in de hal van Grand Central Station in New York plotseling twee minuten lang bevroren; zie YouTube)

Keerpunt drijft op de vraag: wie hoort er nu eigenlijk bij en wie niet? Pas aan het eind als een aantal spelers met enorme korenschoven proberen een trein in te komen wordt de voorstelling absurder.

Meer klassiek locatietheater brengen de twee jonge Utrechtse groepen NUT en Cowboy bij Nacht Zij maakten gezamenlijk twee voorstellingen (Bomans hoort u mij? en Ruis ik slecht verstaan) over het legendarische verblijf van Godfried Bomans op Rottumerplaat, één vanuit het perspectief van de eenzame schrijver, de ander gezien vanuit Willem Ruis, die op de wal in een geïmproviseerde studio de radiouitzending presenteert. Regisseur Nottrot zag de moeizame samenwerking tussen de stijve Bomans en de losse Ruis als voorloper van de dwingende openhartigheid van reality televisie.

Wim Meeuwissen weet de vormelijkheid van Bomans, in pak pijp rokend op het zand, knap vorm te geven en zijn aangezet dictie is aangenaam ouderwets. Wel is het jammer dat de voorstellingen nogal rauw van Oerol naar Amsterdam Noord zijn verplaatst: Bomans’ tentje staat aan de voet van de Shell-toren. Als publiek heb je prachtig uitzicht over het drukke IJ, maar een sterk gevoel van verlatenheid roept het niet op.

Aan het eind raken de voorstellingen van Bomans en Ruis op ingenieuze wijze met elkaar vervlochten. Het pleit sterk voor Nottrot’s talent dat hij dat organisatorisch, dramatisch en betekenisvol voor elkaar weet te krijgen.

Op het centrale festivalterrein op de NDSM-werf zijn tegelijkertijd ook nog lichtvoetige en laagdrempelige kleine voorstellingen te zien, zoals het zeer vermakelijke View-o-Rama (theater met 3D-viewmasters) en Spoor (live-animatie over film en spoorrails). Daarnaast is er de jaarlijkse tradititie van ultrakorte minivoorstellingen in zeecontainers van jonge makers, vaak nog in opleiding. Verrassend is Ram’p’koers, fysieke mime van een meisje in overall, erg grappig is Gruweldingen denken, over te veel mensen in een te kleine huiskamer.

Over het IJ duurt nog t/m 13 juli. Meer info op www.overhetij.nl

Recensie/verslagje Over het IJ

Ze willen er eigenlijk niet te veel aan denken en er gewoon een leuk festival van maken. Maar de medewerkers van theaterfestival Over het IJ, dat gisteravond van start ging, vrezen voor het voortbestaan van het festival dat dit jaar twee negatieve subsidiebesluiten te horen kreeg, eerst van de gemeente Amsterdam en daarna, afgelopen maandag, van het Nederlandse Fonds voor de Podiumkunsten. En het weer was ook al niet al te zomers.

De 16e editie werd in het festivalcentrum op het NDSM-terrein geopend door wethouder Gehrels van cultuur die de levendigheid van stadsdeel Noord prees en die verder het zwijgen ertoe deed of zij het festival nog met een politieke truc gaat redden. Vlak daarvoor werd ze daartoe nog opgeroepen door theatermaker Boukje Schweigman die vroeg om ruimte voor theater in de open lucht en dat verduidelijkte door samen met de bij het festival betrokken makers enkele tientallen ballonnen op te laten.

Intussen was er ook nog theater te zien op de openingsdag. Wij van Roos van Geffen bijvoorbeeld, een even beklemmende als intieme een-op-een voorstelling. De opstelling doet onmiskenbaar denken aan een peepshow, twaalf éénpersoonshokjes rondom een verduisterde piste. Nadat je in je cabine wordt geleid, wordt vanuit het diepe duister in de verte een gezicht zichtbaar, spookachtig en als een antiek masker in een donker museum. Nieuwe gezichten komen en verdwijnen, steeds dichterbij, maar steeds op voyeuristische afstand. Van Geffen’s werk heeft veel te maken dat van Dries Verhoeven. Wij mist de indringende helderheid van diens U bevindt zich hier, maar heeft een eigen poëtische rust.

Op Over het IJ is ook te zien dat de zomerfestivals meer samenwerken: Wij stond eerder op Festival a/d Werf, voorstellingen als Maat voor Maat –een ergerlijk schoolse Shakespeare van ’t Woud Ensemble- en V.O.C. van Joachim Robbrecht –interessante, maar voor het festivalpubliek wellicht té intellectuele zoektocht naar de Nederlandse mentaliteit- waren ook te zien op Oerol. De fantastische clownstragedie Schmiere van Deuten & De Goeij staat dit jaar zelfs voor de tweede keer op het festival. Dat is prettig voor makers en publiek, maar voor professionals en subsidiënten gaan de zomerfestivals daardoor veel op elkaar lijken.

Juist dat was een van de redenen voor de Amsterdamse Kunstraad om het festival subsidie te ontzeggen. Maar hoewel er zeker het nodige is aan te merken op het festival –het programma is overdadig en mist focus; de publieke belangstelling is op de openingsavond niet echt groot- is het juist de rol die Over het IJ speelt in het circuit van festivals die van belang is. Zonder Over het IJ zijn de vitale en ongewone festivalvoorstellingen (zoals die van Schweigman, Van Geffen of Deuten & De Goeij) helemaal niet meer in Amsterdam te zien. Mocht het worden opgeheven, dan zou het alleen al daarom onmiddellijk weer moeten worden opgericht.

Over het IJ duurt nog t/m 13 juli. Meer info op www.overhetij.nl

Recensies afstudeervoorstellingen ITs

Parool,recensies — simber op 22 juni 2008 om 18:28 uur
tags: , , , , ,

Afstudeervoorstellingen van toneelscholen zijn een bijzonder genre: het is een eenmalige kans voor een groep acteurs en actrices om zich te presenteren aan collega’s, regisseurs op zoek naar talent en Hans Kemna, een afscheid van hun school, en voor de opleiding een prestigeobject, waar ze hun eigen stijl kunnen tonen. Op het ITs festival waren het afgelopen weekend de afstudeervoorstellingen van de toneelscholen van Arnhem, Maastricht en Amsterdam te zien.

Bij de afstudeerklas van Arnhem ligt de nadruk het meest op het afscheid. Drie jaar geleden kwam een klasgenootje om bij een ongeluk en Punt moet een eerbetoon aan haar worden. De acht afstuderenden spelen in een zelfgeschreven stuk een vriendengroep die bij elkaar komt om een vriendin te herdenken. Maar hoe oprecht de intenties ook zijn, de voorstelling is een aanfluiting. De met platitudes doorspekte tekst ontbeert iedere spanning, en de spelers lijken met hun gebrek aan durf regelrecht te solliciteren naar een rol in een vrije productie.

De Amsterdammers pakken het beter aan. Zij vroegen regisseur Ola Mafaalani als begeleider en die maakte in 90 minuten van het probleem van de afstudeervoorstelling het thema: hoe zorg je ervoor dat je in de korte tijd die je hebt indruk maakt en iets achterlaat op aarde. Een jongen probeert het door zijn piemel als drumstick te gebruiken, een paar meisjes zijn aangekleed als de iconen Marilyn Monroe, Marlene Dietrich of Wiske, en achterop het toneel staat een lichtgevende klok.

Met de hyperactieve chaos op het toneel (met twintig man op het toneel nu extra indrukwekkend) en een ronddolende engel (een acteur met een rossige baard in een trouwjurk) is de voorstelling vintage Mafaalani, maar 90 minuten is ook het meest een uithangbord voor een opleiding. In Amsterdam zijn de toneelschool en de kleinkunstacademie een paar jaar geleden gefuseerd, maar er blijven duidelijk te onderscheiden toneelspelers en kleinkunstenaars, waarbij de eersten een beetje wegvallen in deze chaos van  vondsten en sketches. Gelukkig kunnen ze allemaal prachtig zingen.

De toneelacademie Maastricht kiest juist voor een bestaand stuk – Het Koude Kind van Marius von Mayenburg, vorig seizoen uitgevoerd door De Theatercompagnie – en de acteurs laten degelijk, maar uitstekend spel zien. De regie is wat onevenwichtig, maar in deze voorstelling zitten voor het eerst een paar acteurs die ik in de toekomst wel vaker aan het werk wil zien, met name Alejandra Theus die hier onwillige moeder met campari-jus verslaving neerzet en Bram de Win als dictatoriale vader die zijn kinderen haat.

De meeste eigenzinnige school – de Mimeopleiding uit Amsterdam – levert echter de meest eigenzinnige voorstelling af, Spaar ze alle 9 geregisseerd door Lotte van den Berg. Op een donkere housebeat die ruim een uur door het lege Frascati 1 galmt, dansen de acht mimers wild in het koude licht. Af en toe komen één of twee van hen tot rust; ze zoenen, drinken water of praten tegen elkaar – onverstaanbaar door de doordenderende beat. Dit heeft niets meer met de afstudeerconventies te maken. Hier wordt tenminste radicaal en compromisloos theater gemaakt, maar juist hier worden acht performers gepresenteerd die je niet gauw weer zal vergeten.

Het ITs duurt nog tot 28 juni. Meer info op www.itsfestival.nl

Recensie: ‘Quartett’ (HF)

Misschien zijn het inderdaad wel de twee beste acteurs van Europa, zoals ze hier en daar staan aangekondigd: Barbara Sukowa, bekend als Fassbinder-actrice, en Jeroen Willems, de Nederlandse steracteur die tegenwoordig veel in Duitsland werkt. Samen spelen ze Quartett van Heiner Müller op het Holland Festival, waar ze aantonen dat buitengewone acteurs nog geen goede voorstelling maken.

Het publiek zit aan weerszijden van een lange catwalk die de Stadsschouwburg doormidden klieft en mat wit licht geeft. Ze zitten aan de uiteinden als aan een eindeloze eettafel en ze paraderen, glijden en kruipen van het ene eind naar het andere. Quartett is een pijnlijk scherpe bewerking van de brievenroman Les liaisons dangereuses van Laclos, waarin een oudere en door de wol geverfde minnaar en minnares twee jongere, onschuldige vrouwen vernietigen, als beestachtig spel. Müller gebruikt het stuk om harde waarheden te zeggen over liefde, seks, sekse, macht en dood.

Maar de Zwitserse regisseuse Barbara Frey weet niet te duidelijk te maken waarom juist dit stuk juist nu gespeeld moet worden. Gaat dit over moderne mensen, met hun zelfzuchtige relaties en hun onwil om het leven serieus te nemen? Niets ervan, hier wordt alle interpretatie opzij gezet om ruimte te maken voor de acteurs.

Wat overblijft is dan ook fenomenaal acteurstheater. De personages zijn steeds uiterst onderkoeld, maar onder hun welsprekende façade smeult het. Deze twee acteurs laten steeds de speelse grimmigheid botsen met daadwerkelijke uitbarstingen van beestachtigheid. Zo koud en hard zie je het in het theater zelden. Maar zowel Sukowa als Willems laten steeds zien dat dit meedogenloze spel in de eerste plaats een keuze is van de personages, pas daarachter zit de tragiek.

Holland Festival: Quartett van Heiner Müller. Gezien 19/6 in de Stadsschouwburg. Aldaar t/m zaterdag. Meer info op www.hollandfestival.nl

Recensie: ‘Walking’ van Robert Wilson, Boukje Schweigmann en Theun Mosk (Oerol)

Parool,recensies — simber op 18 juni 2008 om 23:29 uur
tags: , , , ,

Theaterfestival Oerol op Terschelling wordt meestal geassocieerd met kermisachtig straat- en locatietheater, maar de laatste jaren toont festtivalleider Joop Mulder steeds meer artistiek hoogwaardig theateraanbod. Zo stond de op het festival gemaakte voorstelling Broeders dit jaar op de prestigieuze Wiener Festwochen en voor de huidige editie maakte de Amerikaanse kunstenaar Robert Wilson, wiens werk normaalgesproken in Het Muziektheater te zien is, de installatie/voorstelling Walking. Het bezegelt de high brow-allure die Oerol graag óók wil hebben.

Wilson werkte samen met de jonge Nederlansde theatermakers Boukje Schweigmann en Theun Mosk en bedacht een bedriegelijk simpel idee: het publiek maakt een vier uur durende wandeling over de oostelijke punt van het eiland. De grap is dat Wilson ons één voor één en met ruime tussenruimte vertraagd laat lopen – een soort kalme kuier. Die vertraging is kenmerkend voor de voorstellingen van Wilson, maar het is nu voor het eerst dat het publiek er actief deelgenoot van wordt.

En zo ga je als toeschouwer –na je horloge en telefoon afgelegd te hebben- mee in deze pelgrimage in slow-motion. Voor je en achter je strekt een dun lint van wandelaars zich uit door het fraaie duinlandschap. Je begint bij een zwarte, kegelvormige kuil tussen met riet bedekte muren, waaruit onheilspellende brultonen klinken. Vandaar gaat de route het natuurgebied in. In het begin loop je mee met de natuur, in de richting van de door de eeuwige wind gegroeide struiken en grashalmen.

Je moet trappen op en af, door deuren heen en een route volgen gemarkeeerd met stenen. Je hebt alle tijd om rustig te associëren. Zou hier wellicht sprake zijn van een tocht door de onderwereld? Het zou de Beatrice-achtige meisjes verklaren die aan het begin een stukje met je meelopen om het juiste tempo te bepalen. Het blanke duin wordt de louteringsberg. Na Homerus en Dante, die de reis van hun personages naar het rijk der doden beschreven kun je in het ervaringstheater de symbolische tocht nu zelf maken. Aan het eind is er opnieuw een kegel, nu lichtgekleurd en triomfantelijk rechtopstaand op het strand.

Het probleem is echter dat de meer spirituele kant van dit kunstwerk, die zeker wordt gesuggereerd, te zeer bij de toeschouwer wordt gelegd. Al kuierend kom je in een speciaal soort hypnose, die extra alert maakt op de natuur, het weer en je passen. Dat is bijzonder, maar de paar installaties eromheen voegen te weinig toe om de ervaring daadwerkelijk betekenisvol te maken.

Walking van Robert Wilson, Boukje Schweigmann en Theun Mosk. Gezien 18/6 op Oerol. Aldaar t/m 22/6. Meer info op www.oerol.nl

Recensie: ‘Molière’ van de Schaubühne (HF)

Parool,recensies — simber op 9 juni 2008 om 00:42 uur
tags: , , , ,

En steeds maar blijft het sneeuwen. De hele voorstelling Molière van de Vlaamse regisseur Luk Perceval, afgelopen weekend in het Holland Festival, valt het uit de kap van de Stadsschouwburg. Die sneeuw doet rare dingen met je waarneming: de vloer lijkt te golven, je ziet geen diepte, je blik heeft geen rustpunt.

Het uitgangspunt van Molière is een simpel idee: wat als de hoofdpersonen uit de satirische komedies van de Franse toneelschrijver één en dezelfde persoon zijn? Perceval toont De Misantroop, Don Juan, Tartuffe en De Vrek als één mens, wellicht Molière zelf. De intriges en de grappen van de afzonderlijke stukken laat hij voor wat ze zijn. Het gaat om de de zoektocht van één man.

Hij begint als idealist, maar raakt al snel teleurgesteld in zijn medemens. Hij vlucht in de hedonistische lust van Don Juan, die al snel verwordt tot cynische geestelijk leider Tartuffe, die zijn burgerlijke volgelingen zover krijgt dat ze hem hun vermogen en hun vrouwen aanbieden in ruil voor verlossing.

In zijn zoektocht naar waarheid en liefde vernietigt hij iedereen om zich heen, en hijzelf eindigt als incontinente baby, nog steeds krijsend om liefde, maar er verder van verwijderd dan ooit. De sneeuw verbeeld de paradoxale oerkracht van liefde en lust. Het is warm en koud, aanraakbaar en afstandelijk, koesterend en moorddadig. De spelers gebruiken het om zich te zuiveren en zich te beschermen, aan het eind verdwijnen ze bijna in de witte laag op het toneel.

Maar er is nog een oerkracht aanwezig: acteur Thomas Thieme die in de hoofdrol schreeuwend, tierend, zalvend, temend, rukkend en rappend de voorstelling bij elkaar houdt. Met niet meer dan een incontinentieluier om zijn dikke lijf en een microfoon om zijn hoofd gebonden, bezingt hij in zijn eindmonoloog op het ritme van een hartslag de beestachtige aantrekkingskracht van de liefde, geheel onbewust van de vrouw (de jonge Poolse actrice Patrycia Ziolkowska) die achter hem staat en hem overeind houdt. “Liebe ist… Liebe ist… Liebe ist…” herhaalt hij eindeloos, zijn egomane idee over liefde meenemend in de dood.

Zo krijgt de theatermaker Molière, die het liefst tragedies wilde schrijven, maar slechts succes had met zijn komedies, toch nog een tragisch monument. Kenners nemen aan dat Molière een groot acteur was en in zijn eigen stukken de hoofdrol speelde. Achter de spot met de burgerij laat Perceval de diepe zelfhaat van Molière zien.

Molière is een tergende voorstelling, groots en monumentaal, streng en rauw. Een aanslag op de zintuigen bovendien, die de toeschouwer murw gebeukt achterlaat. Maar Perceval, die sinds jaren in Duitsland werkt, en volgend jaar artistiek leider wordt van het Thalia Theater in Hamburg, geeft blijk van een bewonderenswaardig gevoel voor de oerkrachten van het theater en durft zijn visie tot in de uiterste consequenties door te voeren.

Daarom is het eigenlijk jammer dat het Holland Festival nu niet de oorspronkelijke vijf uur durende versie van Molière toont, maar de voor het lastige Berlijnse publiek tot drie uur ingekorte versie. De kadans van de sneeuwval, die op den duur tot een trance-achtige staat leidt heeft eigenlijk nog meer tijd nodig.

Holland Festival: Molière van de Schaubühne am Lehniner Platz Berlin. Gezien 7/6 in de Stadsschouwburg.

Recensie: ‘Richard III’ van het Sulayman Al-Bassam Theatre (HF)

Parool,recensies — simber op 9 juni 2008 om 00:40 uur
tags: , , ,

Arabisch is een taal die je in het theater niet hoort, behalve soms als er een terrorist ten tonele wordt gevoerd. Het Holland Festival brengt nu haar (bij mijn weten) eerste Arabisch-talige voorstelling, een actuele bewerking van Shakespeare’s Richard III. Maar hoewel het internationale gezelschap van schrijver en regisseur Sulayman Al-Bassam (geboren in Koeweit, gestudeerd in Schotland) bestaat uit een bonte mengeling van Syrische, Libanese, Koeweitse en Irakese acteurs en muzikanten, is deze voorstelling op en top Brits, geproduceerd door de Royal Shakespeare Company.

Het is een intrigerend idee om de politieke intriges van Richard III te verplaatsen naar een oliestaatje nabij de Perzische Golf: de hofcultuur met strijdende families, het gebrek aan democratie en de positie van vrouwen daar lijken veel meer op Shakespeare’s wereld dan het Europa van nu. Iedereen is schuldig aan Richard’s terreur: de machtsbeluste hofkliek, het cynische Westen, de machteloze vrouwen en het passieve volk.

Al-Bassam vertaalde veel metaforen naar beelden van de woestijn en het verwisselen van het christendom voor de islam blijkt helemaal geen grote ingreep. De voorstelling concentreetr zich op de plot en niet op de personages. De scènes vloeien vlot en filmisch in elkaar over en er is een overdaad aan vormgeving, halfdoorzichtige spiegels, projecties, een soundtrack én live muziek.

Het probleem met dit soort concepttheater is echter dat voor alle verschillen een oplossing gevonden moet worden. Soms zijn die erg mooi: Richard verleidt de vrouw wiens man hij heeft vermoord op een rouwdienst voor vrouwen, waar hij binnenkomt door een boerka te dragen. Maar door van de Franse vijanden op olie beluste Amerikanen te maken, van Richard’s vals bescheiden troonaanvaarding een slaafse talkshow op televisie en teksten toe te voegen die letterlijk verwijzen naar Saddam en de War on Terror, wordt de actualiteit van de voorstelling gewild en leeg.

Holland Festival: Richard III van het Sulayman Al-Bassam Theatre. Gezien 8/6/08 in Bellevue. Aldaar nog vanavond. Meer info op www.hollandfestival.nl

Recensie: ‘A streetcar named Desire’ van TA2

De afgelopen jaren hield regisseur Eric de Vroedt zich voornamelijk bezig met zijn Mightysociety project, tien zelfgeschreven voorstellingen over de actualiteit. Maar op uitnodiging van Toneelgroep Amsterdam zet hij nu zijn tanden in een moderne klassieker: A streetcar named Desire van Tennessee Williams. De voorstelling is de tweede onder de noemer TA2, een project van Toneelgroep Amsterdam en de Toneelschuur in Haarlem om jonge theatermakers binnen het kader van een groot gezelschap zich te laten ontwikkelen tot regisseurs voor de grote zaal.

De Vroedt is gelukkig eigenwijs genoeg om zijn eigen vormgever en een aantal acteurs mee te nemen. Hij gebruikt het gezelschap vooral om een grotere schaal te onderzoeken in gedegen teksttheater.

Het decor is een klein realistisch ingericht flatje, waarvan alle muren zijn weggehaald. De stopcontacten zeven in de ruimte, maar de inrichting, met vloerbedekking, meubels, een wc en een bad is bijna naturalistisch te noemen. Het publiek zit aan weerszijden en de uiteinden zijn ramen en aan de achterkant een balkon. Het is het eenvoudige lower class huishouden van Stella (Janni Goslinga) en haar man Stanley (Mohammed Azaay).

Op het moment dat Blanche (Tamar van den Dop) hier binnenkomt op haar metalen stilettohakken en met haar Burberry tas weet je: dit gaat problemen geven. De eerste helft van de voorstelling, de confrontatie tussen Stanley en Blanche en het langzaam ontrafelen van haar verleden wordt in hoog tempo en met veel humor gespeeld. Na de pauze, als Blanche haar greep op de realiteit verliest, wordt de spanning steeds verder opgevoerd.

Van den Dop en Goslinga als zusters is een geweldige vondst. Met hun supervrouwelijke lichamen in steeds blotere thrash jurken domineren ze het huis en weten ze de grootsprakerige Stanley met een handbeweging tot een klein jongetje te reduceren. Samen hebben ze een speciale manier van praten, theatraal en met rare stemmetjes; pas te laat realiseert Stella zich dat het voor Blanche geen spel is, maar een overlevingsstrategie.

Het is jammer dat De Vroedt in het programma en de voorpubliciteit zoveel nadruk leggen op de multiculturele interpretatie van het stuk. Juist dat deel van de voorstelling (Blanche als postmoderne, seksueel vrijgevochten vrouw tegenover Stanley als allochtoon met traditionele waarden, en Stella en de overige personages als gematigden) komt niet uit de verf. De verdienste van de De Vroedt is veeleer dat hij uitstekende multiculturele acteurs (naast Azaay ook Çigdem Teke) naar het nog steeds erg witte Toneelgroep Amsterdam brengt.

A streetcar named Desire van TA2 (Toneelgroep Amsterdam en Toneelschuur Producties). Gezien 29/5/08 in de Toneelschuur Haarlem. Aldaar t/m 7/6. Te zien in Amsterdam (Frascati) 16 t/m 27/9. Meer info op www.toneelgroepamsterdam.nl

Recensie: ‘De Eenzame Weg’ van De Theatercompagnie

Parool,recensies — simber op 18 mei 2008 om 17:00 uur
tags: , , , ,

De Oostenrijkse toneelschrijver Arthur Schnitzler lijkt aan een revival bezig. Vorig jaar speelde De Theatercompagnie al Het Wijde Land, en de afgelopen seizoen speelde toneelgroep ’t Barre Land zowel Anatol als Gustl & Else. De Eenzame Weg, nu te zien in het Compagnietheater, werd vorig jaar nog uitgevoerd in een gedecontrueerde versie door de Vlaamse groep Stan.

Schnitzler lijkt zo’n beetje de plek van Ibsen te hebben ingenomen in het theaterlandschap. Beide schrijvers gaan diep in op de psychologie van hun personages, maar bij Ibsen gaat het vaak om rebellie tegen de morele orde, terwijl er bij Schnitzler juist geen enke moreel houvast meer is.

In Het Wijde Land verzamelt de stervende Gabriele Wegrath (een kleine maar mooie rol voor Anneke Blok) haar familie en vrienden om zich heen; haar man, de professor; een zoon in het leger (een opvallend goede Benja Bruijning); een zoekende jonge dochter (Katja Herbers); een vrijgezelle oudere schrijver. Na haar dood blijkt de erfenis een groot geheim te bevatten: haar zoon is verwekt door een ander, de vrijgevochten kunstenaar Julian, die –nu hij ouder begint te worden- de eenzaamheid wil bestrijden door een band met zijn kind op te bouwen. Julian wordt prachtige neergezet door Jappe Claes, waardig maar onderkoeld wanhopig.

Regisseur Theu Boermans zag in Het Wijde Land een metafoor voor de baby-boomgeneratie die altijd voor zichzelf heeft gekozen en die met de dood voor ogen zoeken naar een uitweg uit de eenzaamheid. “En wat als ze zelfmoord had gepleegd?” vraagt de zoon aan Julian, nadat die verteld heeft hoe hij Gabriele verliet. “Ik denk dat ik op dat moment geloofde dat ik het waard was”, is Julian’s antwoord, het centrale egoïsme van zijn generatie op z’n hardst verwoordend.

De zaal wordt door een zwarte, golvende skatebaan overdwars doormidden gedeeld, met het publiek aan weerskanten. Op deze lange speelvloer wordt, vooral in de tweede helft, de extreme afstand tussen de acteurs ten volle benut. De muziek bestaat (volgens het nieuwe Ivo van Hove-principe: één artiest per voorstelling) uit liedjes van Bob Dylan.

De voorstelling is sober en –zoals we van Boermans zijn gaan verwachten- kraakhelder en uitstekend gespeeld, maar mist ook urgentie. De sfeer blijft de drie uur durende avond vooral berustend. Katja Herbers speelt een mooie rol en haar lot wordt begeleid door een spectaculair effect, maar in Boermans’ interpretatie hangt haar personage er maar een beetje bij.

De voorstelling werkt vooral als interessante aanvulling op De Wilde Eend, van Ibsen, eerder dit seizoen bij de Theatercompagnie. Daar was de waarheid over een onecht kind genoeg om een gezin in het onheil te storten. Hier kan die waarheid overwonnen worden.

De Eenzame Weg van De Theatercompagnie. Gezien 16/5/08 in het Compagnietheater. Aldaar t/m 7/6. Meer info op www.theatercompagnie.nl

« Vorige paginaVolgende pagina »
This work is licensed under a Creative Commons Attribution-Noncommercial-Share Alike 3.0 Unported License.
(c) 2025 Simber | powered by WordPress with Barecity